In het najaar 2007 werd de Meesterproef voor de zesde keer door de Vlaamse Bouwmeester georganiseerd.
Dit jaar werden de 7 architectuurscholen en 2 instituten landschapsarchitectuur aangeschreven om 5 kandidaten voor te dragen.
Er werden 18 architecten of landschapsarchitecten en 6 kunstenaars geselecteerd door een selectiecommissie bestaande uit de Vlaamse Bouwmeester en begeleiders.
Bij deze editie werd geopteerd om met één bouwheer te werken die de verschillende projecten aanbracht. Een aantal steden met mogelijke projecten werden gescreend en de keuze viel op een samenwerking met de stad Kortrijk.
Één van de opdrachten die uiteindelijk weerhouden werd is een nieuwbouw woningproject op "Ramen" van Morris Vandenberghe (woningen) en Lode Geers (kunstwerk op muur) en het inrichten van de publieke ruimte door Tom Haelvoet en Kris Vleeschouwer.
Woningproject
Belangrijk voor het concept is de bestaande hoger gelegen ommuurde tuin. De tuin eindigt op een punt en benadrukt daardoor de langgerektheid van het perceel. In de tuin heb je helemaal niet het gevoel dat je in de stad bent.
Het ontwerp wil een enclave zijn in de stad. Het ziet wonen aan een stadstuin als kwaliteit.
Het ontwerp wil het besloten gevoel in die tuin radicaliseren door de muur die de scheiding vormt tussen tuin en 'stad' door te trekken en zo een gesloten woning te creëren die volledig op de tuin is georiënteerd.
Het basisidee voor het ontwerp is een woning met patio en een woning met een diepe tuin. Om de unieke lengtebeleving van het terrein te bewaren zijn de woningen zo opgebouwd dat men vanuit de eerste woning over de tweede heen kijkt en het dieptezicht in de tuin behoudt. Het programma voorziet eventueel nog een derde ruimte voor een praktrijk of atelier.
De slaapkamers van de woning met patio liggen op het gelijkvloers rond de patio, de woonkamer ligt op de 1ste verdieping en profiteert zo van het mooie uitzicht.
De woning die aan de tuin ligt is een ander type woning waarvan de woonkamer in het verlengde ligt van de tuin. De langgerektheid van het perceel is hier in het plan voelbaar.
De inkom van elke woning moet het effect creëren van door een gesloten gevel te gaan en onmiddellijk in een open leefwereld te stappen.
Op de muur komen gevonden kleine stukjes speelgoed op zo'n manier geplakt alsof ze er werden tegengegooid. De uitvoering is in polyester. De totale oppervlakte van het werk: 4m x 8m op een muur van 20m lang.
Inrichting publieke ruimte
De idee achter het plein is het (her)definiëren van het stadsweefsel. De oude perceelsgrenzen die nu nog in de bakstenen muurtjes op het plein aanwezig zijn, blijven behouden en vangen de hoogteverschillen op. Naast de bestaande oude muurtjes worden nog enkele nieuwe toegevoegd. De vlakken ertussen worden met verschillende soorten verharding opgevuld.
De extra muurtjes zijn een knipoog naar de geschiedenis van Ramen.
De straten worden geherdefinieerd waardoor de visuele beleving van het plein groter wordt, zonder te raken aan de historische perceelsgrens van de woningen.
De Papenstraat in Kortrijk zit in het collectief geheugen als de 'rosse buurt' van Kortrijk. Dit resulteert in een kunstwerk met de naam 'Blind Date'. Het werk bestaat uit twee banken, één bank op Ramen, een andere bank op een ander plein in Kortrijk. Als twee mensen tegelijkertijd op de banken gaan zitten kleuren ze rood, een match, een ontmoeting in abstracte, virtuele vorm.
Het kunstwerk is een knipoog naar het verleden van de rosse buurt.
Er is gekozen voor een vrij volumineuze bank, in dialoog met de woningen.
<< terug
|